Provided by:
manpages-nl_20051127-4_all
NAAM
%man% - een programma om de online naslag-handleidingen te bekijken
OVERZICHT
%man% [-c|-w|-tZHT apparaat] [-adhu7V] [-m systeem[,...]] [-L
localiteit] [-p string] [-M pad] [-P pager] [-r prompt] [-S lijst] [-e
uitbreiding] [[sectie] pagina ...] ...
%man% -l [-7] [-tZHT apparaat] [-p string] [-P pager] [-r prompt]
bestand ...
%man% -k [apropos opties] regexp ...
%man% -f [iswat opties] pagina ...
BESCHRIJVING
%man% Is de handleiding pager (pagineerder) van het systeem. Het pagina
argument dat gegeven wordt aan %man% is gewoonlijk de naam van een pro‐
gramma, utility of functie. De manpage (handleiding) voor elk van deze
argumenten wordt gevonden en zichtbaar gemaakt. Wanneer een sectie, is
gegeven, zal %man% alleen in die sectie van de handleidingen te kijken.
Het is standaard om alle beschikbare secties te doorzoeken in een
bepaalde volgorde, en om alleen de eerst gevonden manpage te laten
zien, zelfs als de pagina in meerdere secties voorkomt.
De tabel hieronder laat de sectie nummers van de handleidingen zien,
gevolgd door het soort handleiding dat ze bevatten.
1 Uitvoerbare programma’s en shell opdrachten
2 Systeem aanroepen (functies geleverd door de kernel)
3 Bibliotheek functies (functies binnen systeem bibliotheken)
4 Speciale bestanden (gewoonlijk te vinden in /dev)
5 Bestandsvormen en conventies b.v. /etc/passwd
6 Spelletjes
7 Macro pakketten en conventies b.v. man(7), groff(7).
8 Systeem administratie commando’s (gewoonlijk alleen voor root)
9 Kernel routines [Niet standaard]
Een handleiding bestaat uit verschillende onderdelen.
De verschillende onderdelen heten gewoonlijk NAAM, OVERZICHT, BESCHRI
JVING, KEUZES, BESTANDEN, ZIE OOK, BUGS, en AUTEUR.
De volgende conventies gelden voor de OVERZICHT sectie; dit kan
gebruikt worden als een blauwdruk voor de andere secties.
vette tekst geef precies zoals hier.
cursieve tekst vervang door het passende argument.
[-abc] de argumenten binnen [ ] zijn niet verplicht.
-a|-b slechts een van de opties begrensd door | kan gebruikt worden.
argument ... argument kan meer dan eens gegeven worden.
[expressie] ... de hele expressie binnen [ ] kan meer dan eens gegeven worden.
De beschrijving van de opdracht of functie is een patroon dat alle
mogelijke aanroepen zou moeten dekken. In sommige gevallen is het aan
te raden om een paar elkaar uitsluitende aanroepen te beschrijven zoals
in de OVERZICHT sectie van deze handleiding is gedaan.
VOORBEELDEN
%man% ls
Laat de handleiding voor het programma ls zien.
%man% -a intro
Laat, opeenvolgend, alle beschikbare intro handleidingen zien.
Het is mogelijk om voortijdig te stoppen, en om handleidingen
over te slaan.
%man% -t alias | lpr -Pps
Geef de handleiding waar door ‘alias’, naar verwezen wordt
(gewoonlijk een shell handleiding) in de standaard troff of groff
vorm en voer deze uitvoer via een pijp naar de printer genaamd
ps. De standaard uitvoer voor groff is gewoonlijk PostScript.
%man% --help Zou info moeten geven over welke processor verbonden
is met de -t optie.
%man% -l -Tdvi ./aap.1x.gz > ./aap.1x.dvi
Deze opdracht decomprest de nroff broncode handleiding
./aap.1x.gz en maakt er een apparaat onafhankelijk (dvi) bestand
van. Het omleiden {redirection} is nodig omdat de -T vlag zorgt
dat de uitvoer richting stdout gaat zonder pagineerder. De
uitvoer kan bekeken worden met een programma zoals xdvi of verder
behandeld worden tot PostScript met gebruik van een programma als
dvips.
%man% -k printf
Zoekt een korte beschrijving en handleiding-naam voor de reg‐
uliere expressie printf. Alle passende namen worden gegeven.
Hetzelfde als %apropos% -r printf.
%man% -f smail
Zoekt alle handleidingen op waar naar verwezen wordt door smail
en drukt een korte beschrijving af van elke handleiding. Gelijk
aan %whatis% -r smail.
OVERZICHT
Vele opties zijn voor %man% beschikbaar, zodat de gebruiker zoveel
mogelijk flexibiliteit wordt geboden. Het zoekpad, de sectie volgorde,
de uitvoer processor en ander gedrag kan veranderd worden.
De mogelijk gezette waarde van verscheidene omgevingsvariabelen word
geïnspecteerd om de gewenste uitvoering van %man% te bepalen. Het is
mogelijk om de ‘vang alles’ variabele $MANOPT te zetten naar elke
string in opdracht-regel-vorm met de uitzondering dat spaties gebruikt
als onderdeel van een optie moeten worden ge-escape’t (voorafgegaan
door een backslash {\}). %man% Zal $MANOPT verwerken vóór zijn eigen
opdrachtregel. De opties die om een argument vragen zullen over‐
schreven worden door dezelfde opties op de opdracht regel. Om alle
opties te resetten die gezet zijn in $MANOPT kan, -D worden opgegeven
als eerste opdrachtregeloptie. Dit zorgt ervoor dat man de opgegeven
opties in $MANOPT ‘vergeet’ alhoewel ze nog steeds geldig geweest had‐
den moeten zijn.
De handleiding pagineer gereedschappen van het man_db pakket maken uit‐
gebreid gebruik van index database caches. Deze caches bevatten infor‐
matie zoals waar elke handleiding gevonden kan worden in het
bestandsysteem en wat zijn iswat (korte éénregelige beschrijving van de
handleiding) bevat. Dit maakt een snellere executie van %man%
mogelijk, dan wanneer iedere keer het bestandsysteem doorzocht zou
moeten worden om de gevraagde pagina te vinden. Als de -u optie
meegegeven is, verzekert %man% dat de cache consistent blijft; dit
maakt het handmatig draaien van software om de traditionele iswat
database te bij te werken overbodig.
Als %man% een door mandb geïnitialiseerde index database voor een
bepaalde handleiding hiërarchie niet kan vinden, zal het nog steeds
zoeken naar de gevraagde handleiding, alhoewel bestand klontering
{globbing} nodig zal zijn om te zoeken binnen die hiërarchie. Als
%whatis% of %apropos% falen in het vinden van een index dan zal het in
plaats daarvan proberen de informatie van een traditionele iswat
database te halen.
Deze utilities ondersteunen gecomprimeerde nroff broncode bestanden,
met standaard de extensies: .Z, .z en .gz. Het is mogelijk om elke
compres-extensie te gebruiken; deze informatie moet echter bekend zijn
op het moment van compileren. Verder worden standaard alle gemaakte
‘cat’ handleidingen gecomprimeerd met gebruik van gzip. Elke ‘globale’
handleidingen hiërarchie zoals /usr/share/man of /usr/X11R6/man kan
elke directory als zijn ‘cat’ handleidingen hiërarchie hebben. Tradi‐
tioneel worden de ‘cat’ handleidingen onder dezelfde hiërarchie opges‐
lagen als de handleidingen, maar om redenen zoals opgegeven in de File
hi rarchie Standard (FHS) {bestand hiërarchie standaard}, zou het beter
zijn om ze ergens anders op te slaan. Voor details over hoe dit te
doen, lees alstublieft manpath(5). Voor details over waarom dit te
doen, lees de Standaard.
Internationale ondersteuning is voorhanden bij dit pakket. Moedertaal
handleidingen zijn toegankelijk (mits beschikbaar op uw systeem) met
gebruik van de localiteit functies. Om deze ondersteuning aan te
zetten is het nodig om of $LC_MESSAGES of, $LANG of een andere systeem
afhankelijke omgevingsvariabele te zetten naar je taal localiteit,
gewoonlijk opgegeven in de op POSIX 1003.1 gebaseerde vorm:
<taal>[_<land>[.<karakterset>[,<versie>]]]
Als de gewenste handleiding voorhanden is in uw localiteit, zal die
getoond worden in plaats van de standaard handleiding (meestal is die
in Amerikaans Engels).
Ondersteuning voor internationale berichten catalogi is ook bijgevoegd
in dit pakket en kan, mits beschikbaar, geactiveerd worden op dezelfde
manier. Als u ontdekt dat de handleidingen en berichten catalogi
geleverd met dit pakket niet in uw moedertaal beschikbaar zijn, en u
zou ze graag leveren, neem dan alstublieft contact op met de beheerder
die dergelijke activiteiten zal regelen.
Lees voor informatie betreffende andere toevoegingen en uitbreidingen
beschikbaar in deze handleiding pagineerder alstublieft de documenten
geleverd met dit pakket.
%man% Zal naar de gewenste handleiding zoeken in de index database
caches. Als de -u optie gegeven is, zal een cache consistentie check
uitgevoerd worden, om er zeker van te zijn dat de databases accuraat
zijn in het weergeven van het bestandssysteem. Tenzij de cache gecor‐
rumpeerd raakt, is het in het algemeen niet nodig om %mandb% uit te
voeren nadat de databases initieel gecreeerd zijn als de -u optie
altijd gegeven wordt. Echter, de cache consistentie check kan erg
traag zijn op systemen waar veel manpages geïnstalleerd zijn; daarom
wordt deze standaard niet uitgevoerd. Systeem beheerders zouden dus
(bijvoorbeeld wekelijks) %mandb% kunnen draaien teneinde de caches bij
de tijd te houden. Om problemen met verouderde caches vóór te zijn zal
%man% terugvallen op bestands klontering {globbing} indien het opzoeken
in een cache faalt, net zoals het zou doen bij afwezigheid van een
cache.
Als de handleiding gevonden is, wordt getest of een bijbehorend
(voorgevormd) ‘cat’ bestand al bestaat en nieuwer is dan het nroff
bestand. Als dat zo is wordt dit voorgevormde bestand (gewoonlijk)
gedecomprimeerd en dan zichtbaar gemaakt met behulp van een pagi‐
neerder. De pagineerder kan opgegeven worden op een aantal manieren of
de standaard wordt gebruikt (zie optie -P voor details). Als geen cat
bestand gevonden wordt, of het is ouder dan het nroff bestand dan wordt
het nroff bestand gefilterd door verschillende programma’s en onmiddel‐
lijk zichtbaar gemaakt.
Als een cat bestand gemaakt kan worden (een bijbehorende cat directorie
bestaat en heeft passende permissies), dan zal %man% het cat bestand in
een achtergrondprocess comprimeren en opslaan.
Verschillende criteria worden gebruikt om te bepalen welke filter moet
worden gebruikt. Eerst wordt de opdrachtregeloptie -p of de omgev‐
ingsvariabele $MANROFFSEQ geïnspecteerd. Als -p niet werd gezet en ook
de omgevingsvariabele niet was gezet, dan wordt de eerste regel van het
nroff bestand gelezen. Er wordt gekeken of in deze regel naar een pre‐
processor wordt verwezen, doordat die regel op
\" <string>
lijkt, waar string elke combinatie van letters kan zijn, beschreven
voor de optie -p (zie onder).
Als geen van de bovenstaande methoden filter-informatie oplevert wordt
een standaard set gebruikt.
Een opmaak pijplijn wordt gemaakt van de filters en de primaire opmaker
(nroff of [tg]roff met -t). Deze pijplijn wordt uitgevoerd. In plaats
hiervan kan, als het uitvoerbare bestand mandb_nfmt (of mandb_tfmt met
-t) bestaat in de handleiding-boom root, dat worden uitgevoerd. Het
krijgt de handleiding broncode aangereikt, met de preprocessor string,
en eventueel het apparaat opgegeven met -T als argumenten.
OPTIES
Het meer dan eens op de opdrachtregel, in $MANOPT, of in allebei
meegeven van opties zonder argument is niet schadelijk. Voor opties die
een argument behoeven zal elke duplicatie de voorgaande argumentwaarde
overschrijven.
-l, --local-file
{--locaal-bestand} Activeer ‘localiteit’ mode. Formatter en geef
locale handleidingen weer in plaats van te zoeken in de handlei‐
dingverzameling op het systeem. Elk handleiding argument zal
geïnterpreteerd worden als een nroff broncode bestand in de
juiste vorm. Er wordt geen cat bestand gemaakt. Als ’-’
opgegeven wordt als één van de argumenten, dan wordt invoer van
‘stdin’ genomen. Wanneer deze optie niet wordt gebruikt, en
‘man‘ faalt in het vinden van de gezochte handleiding, dan zal
het proberen zich te gedragen alsof deze optie was gegeven,
voordat een foutmelding gegeven wordt, waarbij het argument als
een bestandnaam geïnterpreteerd wordt; er wordt dan gezocht naar
een bestand met exact die naam.
-L localiteit, --locale=localiteit
{--locaal=} %man% Zal normaliter uw huidige localiteit bepalen
met een aanroep naar de C functie setlocale(3) die verschillende
omgevingsvariabelen inspecteert, mogelijk ook $LC_MESSAGES en
$LANG. Gebruik deze optie om tijdelijk de gevonden waarde te
vervangen, door een locale string direct aan %man% te leveren.
Merk op dat dit geen gevolg zal hebben totdat het zoeken naar de
handleiding daadwerkelijk begint. Uitvoer zoals de help meldin‐
gen zullen altijd zichtbaar worden in de eerst bepaalde
localiteit.
-D, --default
{--standaard} Deze optie wordt gewoonlijk gegeven als de
allereerste optie en zet %man% s gedrag terug naar zijn stan‐
daard. De zin ervan is om de opties die gezet kunnen zijn in
$MANOPT te ontkrachten. Alle opties die volgen na -D zullen hun
gebruikelijke effect hebben.
-M pad, --manpath=pad
{--handleidingpad=} Geef een alternatief handleiding-pad op.
Standaard gebruikt %man% van manpath afgeleidde code om het te
zoeken pad te bepalen. Deze optie vervangt de $MANPATH omgev‐
ingsvariabele en maakt dat de optie -m genegeerd wordt.
Een pad dat hier opgegeven wordt moet de wortel zijn van een
handleidingen pagina hiërarchie, onderverdeeld in secties zoals
beschreven in de man_db handleiding (onder "Het handleidingen
pagina systeem"). Zie de -l optie voor informatie over hoe pag‐
inas buiten zulke hiërarchiën te bekijken.
-P pagineerder, --pager=pagineerder
{--pagineerder=} Geef op welke uitvoer pagineerder te gebruiken.
Standaard gebruikt %man% exec /usr/bin/pager -s. Deze optie
vervangt de $PAGER omgevingsvariabele en wordt niet gebruikt
samen met -f en -k.
-r prompt, --prompt=prompt
{--prompt=} Als een moderne versie van less wordt gebruikt als
pagineerder, dan zal %man% proberen zijn prompt te zetten en
enige andere zinnige opties. De standaard prompt ziet er uit
als
Handleiding naam(sectie) regel x
waar naam de handleiding-naam is, sectie de sectie waaronder de
pagina gevonden werd, en x het huidige regelnummer. Dit wordt
bereikt door de $LESS omgevingsvariabele te gebruiken.
Meegeven van -r met een string zal deze standaard vervangen. De
string kan de tekst $MAN_PN bevatten, die zal expanderen naar de
naam van de huidige handleiding en zijn sectie-naam tussen ‘(’
en ‘)’. De string die gebruikt wordt om de standaard prompt te
maken kan uitgedrukt worden als
\ Manual\ page\ \$MAN_PN\ ?ltline\ %lt?L/%L.:
byte\ %bB?s/%s..?\ (END):?pB %pB\\%..
Voor de leesbaarheid is de string hier opgedeeld in twee regels.
Voor de betekenis hiervan zie de less(1) handleiding. De prompt
string wordt eerst verwerkt door de shell. Alle dubbele aanhal‐
ingstekens, openende aanhalingstekens en backslashes in de
prompt moeten ge-escape’t worden met een voorafgaande backslash.
De prompt string mag eindigen in een ge-escape’te $ die gevolgd
mag worden door verdere opties voor less. %man% Zet standaard
de -ix8 opties.
-7, --ascii
{--ascii} Wanneer u een pure ascii(7) handleiding bekijkt op een
7 bit terminal of terminal emulator zullen sommige karakters
niet goed getoond worden bij gebruik van de latin1(7) appa‐
raatbeschrijving met GNU nroff. Deze optie maakt dat pure ascii
handleidingen getoond worden in ascii op het latin1 apparaat.
Dit zal geen enkele latin1 tekst vertalen. De volgende tabel
laat de uitgevoerde vertalingen zien.
Beschrijving Octaal latin1 ascii
--------------------------------------------------
verbindingsstreepje 255 -
kogel (middel punt) 267 · o
accent aigu 264 ´ ’
vermenigvuldigingsteken 327 × x
Als de latin1 kolom goed getoond wordt, dan is uw terminal cor‐
rect opgezet voor latin1 karakters en is deze optie onnodig.
Als de latin1 en ascii kolommen hetzelfde zijn, dan leest u deze
handleiding met gebruik van deze optie òf %man% formatteerde
deze handleiding niet met gebruik van de latin1 apparaatbeschri‐
jving. Als de latin1 kolom ontbreekt, of gecorrumpeerd is,
dient u wellicht deze optie te gebruiken om handleidingen te
bekijken.
Deze optie wordt genegeerd bij gebruik van de opties -t, -H, -T
, of -Z en is mogelijk zinloos voor andere nroff’s dan die van
GNU.
-S lijst, --sections=lijst
{--secties=} Lijst is een door dubbele punten onderverdeelde
lijst van ‘volgorde specifieke’ handleidingen secties die door‐
zocht zullen worden. Deze optie vervangt de $MANSECT omgev‐
ingsvariabele.
-a, --all
{--alles} Standaard zal %man% eindigen na het laten zien van de
meest passende handleiding die het vindt. Gebruik van deze optie
maakt dat %man% alle handleidingen laat zien met de namen die
met de zoekopdracht overeenkomen.
-c, --catman
{--catman} Deze optie is niet voor algemeen gebruik en moet
alleen gebruikt worden door het %catman% programma.
-d, --debug
{--debug} Laat niet daadwerkelijk een handleiding zien, maar
druk grote hoeveelheden debug informatie af.
-e sub-extensie, --extension=sub-extensie
{--extensie=} Sommige systemen zetten grote pakketten handlei‐
dingen, zoals die van het Tcl pakket, in de hoofd handleidingen
hiërarchie. Om het probleem van twee handleidingen met dezelfde
naam te omzeilen, zoals exit(3), worden de Tcl handleidingen
gewoonlijk allemaal aan de sectie l toegeschreven. Omdat dit
lastig is, is het nu mogelijk om de handleidingen in de juiste
sectie te zetten, en ze een bepaalde extensie toe te kennen; in
dit geval, exit(3tcl). Normaliter zal %man% de voorkeur geven
aan het tonen van exit(3) in plaats van exit(3tcl). Om soepel
met deze situatie om te gaan en om niet afhankelijk te zijn van
kennis omtrent de specifieke sectie van handleidingen, is het nu
mogelijk om %man% een string te geven, waarmee aangegeven wordt
bij welk pakket de gezochte handleiding hoort. Gebruik makend
van het bovenstaande voorbeeld, zorgt het leveren van de optie
-e tcl aan %man% dat het zoeken zich zal beperken tot de han‐
dleidingen met een extensie *tcl.
-f, --whatis
{--iswat} Gelijk aan %whatis%. Laat, indien beschikbaar, een
korte beschrijving zien van de handleiding. Zie %whatis%(1)
voor details.
-h, --help
{--hulp} Geef een hulp bericht en sluit af.
-k, --apropos
{--betreft} Gelijk aan %apropos%. Zoekt in de korte handleiding
beschrijvingen voor het trefwoorden en laat alle overeenkomsten
zien. Zie %apropos%(1) voor details.
-m systeem[,...], --systems=systeem[,...]
{--systemen=} Als dit systeem toegang heeft tot andere bestur‐
ingssysteem handleidingen, dan kunnen die toegankelijk gemaakt
worden met deze optie. Om te zoeken naar een handleiding van de
NewOS’s handleidingen verzameling, gebruik de optie -m NewOS.
Het opgegeven systeem kan een combinatie zijn van komma-
begrensde besturingssysteem namen. Om ook te zoeken in de oor‐
spronkelijke besturingssysteem handleidingen, voeg de systeem
naam man bij de argument string. Deze optie zal de $SYSTEM
omgevingsvariabele vervangen.
-p string, --preprocessor=string
{--preprocessor=} Geef de volgorde van preprocessors op die
gedraaid worden vóór nroff of troff/groff. Niet alle instal‐
laties zullen een volledige set preprocessors hebben. Sommige
van de preprocessors, en de letters die gebruikt worden om ze te
onderscheiden zijn: eqn (e), grap (g), pic (p), tbl (t), vgrind
(v), refer (r). Deze optie vervangt de $MANROFFSEQ omgev‐
ingsvariabele. %zsoelim% Wordt altijd gedraaid als de allereer‐
ste preprocessor.
-u, --update
{--breng-bij-de-tijd} Deze optie maakt dat %man% een consisten‐
tie check op ‘inode niveau’ uitvoert op zijn database caches om
te verzekeren dat die een accurate representatie van het
bestandssysteem geven. Dit zal slechts een bruikbaar effect
hebben wanneer %man% geïnstalleerd is met een aangezet setuid
bit.
-t, --troff
{--troff} Gebruik %troff% om de handleiding naar ‘stdout’ te
formatteren. Deze optie is niet nodig wanneer -H, -T, of -Z
gebruikt worden.
-T apparaat, --troff-device [=apparaat]
{--troff-apparaat[=]} Deze optie wordt gebruikt om groff (en
mogelijk troff s) uitvoer aan te passen teneinde die geschikt te
maken voor een ander dan het standaard apparaat. Het impliceert
-t. Voorbeelden (geleverd met Groff-1.09) bevatten dvi, latin1,
X75 en X100.
-Z, --ditroff
{--ditroff} groff zal troff draaien en daarna een passende post-
processor gebruiken om uitvoer te maken die passend is voor het
gekozen apparaat. Als %troff% groff is, dan wordt deze optie
doorgegeven naar groff en wordt het gebruik van een post-proces‐
sor onderdrukt. Het impliceert -t.
-H, --html
Deze optie maakt dat groff HTML uitvoer produceert; de uitvoer
zal getoond worden in een webbrowser. De keuze voor een browser
word gemaakt met de $BROWSER omgevingsvariabele, of, wanneer
deze variabele niet gezet is, met een standaard die tijdens com‐
pile-tijd gezet is (gewoonlijk lynx). Deze optie impliceert -t,
en werkt alleen met GNU troff.
-w, --where, --location
{--waar},{--locatie} Laat geen handleiding zien, maar druk de
plaats(en) van de bestanden af die zouden worden geformateerd of
afgedrukt. Als het bestand een cat bestand is, laat dan ook de
plaats van het bijbehorende nroff broncode bestand zien.
-V, --version
{--versie} Laat versie informatie zien.
0 Geslaagde programma uitvoering.
1 Gebruik-, syntax- of configuratiebestand fout.
2 Operationele fout.
3 Een kind proces keerde terug met een niet-nul eind waarde.
16 Tenminste één van de handleidingen/bestanden/trefwoorden bestond
niet of was niet gevonden.
OMGEVING
MANPATH
Als $MANPATH gezet is, dan wordt zijn waarde gebruikt als het
pad om handleidingen in te zoeken.
MANROFFSEQ
Als $MANROFFSEQ gezet is, dan wordt zijn waarde gebruikt om de
set van preprocessors te bepalen waaraan elke handleiding
doorgegeven wordt. De standaard lijst van preprocessors is sys‐
teemafhankelijk.
MANSECT
Als $MANSECT gezet is, dan is zijn waarde een met dubbele-punten
verdeelde lijst van secties; deze wordt gebruikt om te bepalen
welke handleiding secties te doorzoeken en in welke volgorde.
PAGER Als $PAGER gezet is, dan wordt zijn waarde gebruikt als de naam
van het programma dat gebruikt wordt om de handleiding te laten
zien. Standaard wordt %pager% gebruikt.
BROWSER
Als $BROWSER gezet is, dan is zijn waarde een met dubbele-punten
verdeelde lijst van commandos; elk van die commandos wordt
geprobeerd om een webbrowser op te starten voor man --html. In
ieder commando wordt %s vervangen door een bestandsnaam die de
HTML uitvoer van groff bevat, %% wordt vervangen door een enkel
procents teken (%), en %c word vervangen door een dubbele punt
(:).
SYSTEM Als $SYSTEM gezet is, dan zal het hetzelfde gevolg hebben als de
optie -m string waar string genomen zal worden als $SYSTEM’s
inhoud.
MANOPT Als $MANOPT gezet is, zal het verwerkt worden vóór %man% s
opdrachtregel. De waarde hiervan moet in eenzelfde vorm zijn.
Omdat alle andere %man% -eigen omgevingsvariabelen uitgedrukt
kunnen worden als opdrachtregel opties, en dus kandidaten zijn
om bij $MANOPT gevoegd te worden, is het te verwachten dat zij
verouderd zullen raken. N.B. Alle spaties die geïnterpreteerd
zouden moeten worden als onderdeel van een argument van een
optie moeten ge-escape’t worden.
MANWIDTH
Als $MANWIDTH gezet is, dan wordt zijn waarde gebruikt als de
regellengte waarvoor paginas geformatteerd moeten worden. Als
het niet gezet is, dan worden paginas geformatteerd met een
regellengte, passend voor de huidige terminal (met gebruikmaking
van een ioctl(2) indien beschikbaar, of terugvallend op 80
karakters, als geen van beide beschikbaar is). Cat paginas wor‐
den alleen bewaard wanneer de standaard formatering gebruikt kan
worden, dat wil zeggen wanneer de terminal regellengte tussen de
66 en 80 karakters is.
LANG, LC_MESSAGES
Afhankelijk van systeem en implementatie zullen één of beide van
$LANG en $LC_MESSAGES geïnspecteerd worden voor de huidige
berichten localiteit. %man% Zal zijn berichten laten zien in
die ’localiteit’ (mits voorhanden). Zie setlocale(3) voor pre‐
cieze details.
BESTANDEN
%manpath_config_file%
man_db configuratie bestand.
/usr/share/man
Een globale handleiding hiërarchie.
/usr/share/man/index.(bt|db|dir|pag)
Een traditionele globale index database cache.
/var/cache/man/index.(bt|db|dir|pag)
Een alternatieve of voldoend aan FHS globale index database
cache.
%mandb%(8), %manpath%(1), manpath(5), %apropos%(1), %whatis%(1), %cat
man%(8), less(1), nroff(1), troff(1), groff(1), %zsoelim%(1), setlo
cale(3), man(7), ascii(7), latin1(7), de man_db pakket handleiding,
FSSTND.
GESCHIEDENIS
1990, 1991 - Origineel geschreven door John W. Eaten
(jwe@che.utexas.edu).
Dec 23 1992: Rik Faith (faith@cs.unc.edu) paste bugfixes toe, geleverd
door Willem Kasdorp <wkasdo@nikhefk.nikef.nl>.
30 April 1994 - 23 Februari 2000: Wilf. (G.Wilford@ee.surrey.ac.uk) is
bezig geweest met het ontwikkelen en onderhouden van dit pakket met de
hulp van een paar toegewijde mensen.
30 Oktober 1996 - 30 Maart 2001: Fabrizio Polacco <fpolacco@debian.org>
verrichte onderhoud en verbeteringen aan dit pakket voor het Debian
project, met de hulp van de hele gemeenschap.
31 Maart 2001 - %date%: Colin Watson <cjwatson@debian.org> is nu de
ontwikkeling en het onderhoud van man-db aan het verzorgen.