Provided by:
manpages-nl_20051127-4_all
NAAM
ex, vi, view - tekstverwerkers
OVERZICHT
ex [-eFRrSsv] [-c opdr] [-t tag] [-w grootte] [bestand ...]
vi [-eFlRrSv] [-c opdr] [-t tag] [-w grootte] [bestand ...]
view [-eFRrSv] [-c opdr] [-t tag] [-w grootte] [bestand ...]
LICENTIE
Het vi programma is vrijelijk distribueerbaar. U bent uitgenodigd om
het te kopiëren, aan te passen en delen met anderen, onder de voorwaar‐
den gegeven in het ‘LICENSE’ bestand. Als enig bedrijf (niet individu!)
‘vi’ voldoende bruikbaar acht, dat u het zou hebben gekocht, of als
enig bedrijf wenst om het te her-distribueren, worden donaties aan de
auteurs gewaardeerd.
BESCHRIJVING
Vi is een scherm-georiënteerde tekstverwerker. Ex is een regel-
georiënteerde tekstverwerker. Ex en vi zijn verschillende interfaces
voor hetzelfde programma, en het is mogelijk om tussen beide heen en
weer te schakelen tijdens het tekstverwerken. View is hetzelfde als de
-R (alleen-lezen) optie voor vi.
Deze handleiding is de handleiding die met de nex/nvi versies van de
ex/vi tekstverwerkers wordt geleverd. nex/nvi Zijn bedoeld als bug-
voor-bug gelijke vervangingen voor de originele Vierde Berkeley Soft‐
ware Distributie (4BSD) ex en vi programma’s. Voor de rest van deze
handleiding wordt nex/nvi alleen gebruikt als dat nodig is om onder‐
scheid te maken tussen de historische implementaties van ex/vi.
Deze handleiding is bedoeld voor gebruikers die al bekend zijn met
ex/vi. De rest zal hoogstwaarschijnlijk een goede stap-voor-stap
inleiding over deze tekstverwerker moeten lezen vóór deze handleiding.
Als u in een onbekende omgeving bent, en absoluut onmiddellijk werk
klaar moet krijgen, lees de sectie na de opties beschrijvingen getiteld
‘‘Snel Starten’’. Dat is waarschijnlijk genoeg om u op weg te helpen.
De volgende opties zijn beschikbaar:
-c Voer opdr onmiddellijk uit na starten van de sessie. Vooral
handig om naar een startpositie binnen het bestand te gaan, maar
opdr is niet begrensd tot positionerings opdrachten. Dit is de
POSIX 1003.2 interface voor de historische ‘‘+opdr’’ spelling.
nex/nvi Ondersteunt de oude en de nieuwe spelling.
-e Start tekstverwerken in ex mode, alsof het programma als ex werd
aangeroepen.
-F Maak tijdens starten geen kopie van het hele bestand. (De stan‐
daard is om een kopie te maken voor het geval iemand anders het
bestand veranderd tijdens uw sessie.)
-l Start verwerken met de ‘lisp’ en ‘showmatch’ opties gezet.
-R Start verwerken in alleen-lezen mode, alsof het programma werd
aangeroepen met de naam view, of de readonly optie gezet was.
-r Herstel de opgegeven bestanden, of, als geen bestanden werden
gegeven, geef de bestanden die hersteld kunnen worden. Als geen
herstelbare bestanden met de opgegeven naam bestaan wordt het
bestand voor verwerken aangeboden, alsof de -r optie niet werd
gegeven.
-S Draai met de secure {veilig} verwerken optie gezet: staat toe‐
gang tot externe programma’s niet toe.
-s Ga naar ‘batch’ mode; alleen toepasselijk voor ex verwerkings-
sessies. Batch mode is bruikbaar voor het draaien van ex
scripts. Prompts, informerende berichten en andere gebruiker
georiënteerde berichten worden uitgezet, en geen opstartbe‐
standen of omgevingsvariabelen worden gelezen. Dit is de POSIX
1003.2 interface voor het historische ‘‘-’’ argument. nex/nvi
Ondersteunt de oude en nieuwe spelling.
-t Start verwerken bij de opgegeven tag {markering}. (Zie
ctags(1)).
-w Zet de initiële venster grootte naar het opgegeven aantal
regels.
-v Start verwerken in vi mode, alsof de opdrachtnaam vi of view
was.
Opdracht invoer voor ex/vi wordt van de standaard invoer gelezen. In
de vi interface is het fout als de standaard invoer geen terminal is.
In de ex interface worden opdrachten altijd gelezen, ook als de stan‐
daard invoer geen terminal is, maar de sessie zal in ‘batch’ mode wor‐
den uitgevoerd, alsof de -s optie werd gegeven.
Ex/vi Eindigt met 0 bij slagen, en groter dan 0 als een fout optreedt.
Deze sectie vertelt wat u minimaal nodig heeft voor simpele tekstverw‐
erking met vi. Als u nooit eerder een scherm tekstverwerker hebt
gebruikt heeft u waarschijnlijk zelfs moeite met deze eenvoudige intro‐
ductie. In dat geval zou u iemand moeten proberen te vinden die vi al
kent, en die met u door deze sectie kan lopen.
Vi is een scherm-tekstverwerker. Dat betekend dat het gehele scherm
wordt gebruikt, een deel van het bestand tonend op elke scherm-regel,
behalve op de laatst regel van het scherm. De laatste regel op het
scherm wordt gebruikt door u om opdrachten aan vi te geven, en door vi
om informatie aan u te geven.
Het andere feit dat u moet begrijpen is dat vi een mode-tekstverwerker
is, dat is: u bent óf tekst aan het invoeren, óf u bent opdrachten aan
het uitvoeren, en u moet in de juiste mode zijn om het ene of het
andere te doen. Als u een bestand begint te bewerken bent u in
opdracht mode. Er zijn opdrachten die u naar invoer mode brengen. Er
is maar één toets die u uit de invoer mode haalt, en dat is de
<escape> toets. (Toets namen worden geschreven tussen kleiner dan {<}
en groter-dan {>} tekens, dat is: <escape> betekend ‘‘escape’’ toets,
gewoonlijk ‘‘esc’’ genaamd op uw terminal’s toetsenbord.) Als u ooit
in de war raakt over in welke mode u bent, blijf dan net zo lang op de
<escape> toets drukken tot vi naar u piept. (In het algemeen zal vi
naar u piepen als u iets probeert dat niet is toegestaan. Het zal ook
fout berichten weergeven.)
Geef voor het bewerken van een bestand de opdracht ‘‘vi
bestand_naam<regel_overhalen>’’. De opdracht die u zo spoedig mogelijk
zou moeten geven is ‘‘:set verbose showmode<regel-overhalen>’’. {nl:
zet praatgraag toon_mode<regel-overhalen> {gebruik Engels, zie onder}}
Dit zal zorgen dat de tekstverwerker praatgrage foutberichten gaat
geven en de huidige mode wordt zichtbaar gemaakt onderaan het scherm.
De opdrachten om binnen het bestand te bewegen zijn:
h Verplaats de cursor één karakter naar links.
j Verplaats de cursor één regel naar beneden.
k Verplaats de cursor één regel naar boven.
l Verplaats de cursor één karakter naar rechts.
<cursor-pijlen>
De cursor pijl-toetsen zouden ook moeten werken.
/flopke<regel-overhalen>
Zoek naar de string {nl: karaktersnoer} ‘‘flopke’’ in het
bestand, en verplaats de cursor naar het eerste karakter ervan.
De opdrachten om nieuwe tekst in te voeren zijn:
a Toevoegen nieuwe tekst, achter de cursor.
i Invoegen nieuwe tekst, vóór de cursor.
o Open een nieuwe regel onder de regel waar de cursor zich op
bevindt, en start tekst-invoeren.
O Open een nieuwe regel boven de regel waar de cursor zich op
bevindt, en start tekst-invoeren.
<escape>
Als u eenmaal invoer mode bent binnengegaan met één van de vol‐
gende opdrachten: a, i, O of o, gebruik dan <escape> om te stop‐
pen met het invoeren van tekst en terug te keren naar opdrachten
mode.
De opdrachten om tekst te kopiëren zijn:
yy Kopieer de regel waar de cursor zich op bevindt.
p Voeg de gekopieerde regel onder de regel waar de cursor zich op
bevind.
De opdrachten om tekst te schrappen zijn:
dd Schrap de regel waar de cursor zich op bevindt.
x Schrap het karakter waar de cursor op staat.
De opdrachten om een bestand weg te schrijven zijn:
:w<regel-overhalen>
Schrijf het bestand terug naar het bestand met de naam die u
origineel gebruikte als een argument voor de vi opdracht.
:w bestand_naam<regel-overhalen>
Schrijf het bestand weg naar het bestand met de naam
‘‘bestand_naam’’.
De opdrachten om het verwerken te stoppen en uit de tekstverwerker te
gaan zijn:
:q<regel-overhalen>
Stop bewerken en ga uit vi (als u het bestand heeft aangepast,
maar de veranderingen niet hebt bewaard zal vi weigeren te stop‐
pen).
:q!<regel-overhalen>
Stop, vernietigt mogelijke aanpassingen die u hebt gemaakt.
Een laatste waarschuwing. Ongebruikelijke karakters kunnen meer dan
één karakter op het scherm innemen, en lange regels kunnen meer dan een
enkele schermregel nodig hebben. De bovenstaande opdracht werkt op
‘‘fysieke’’ karakters en regels, dat is, ze werken op de hele regel
hoeveel schermregels die ook inneemt, en op het hele karakter, hoeveel
kolommen het ook verbruikt.
De volgende sectie beschrijft de opdrachten voorhanden in de opdracht
mode van de vi tekstverwerker. In elke onderstaande alinea geeft de
titel-regel het gebruik voor die opdracht weer.
[tel] <controle-A>
Zoek voorwaarts naar de tel-de verschijning van het huidige
woord.
[tel] <controle-B>
Pagineer terugwaarts tel schermen.
[tel] <controle-D>
Schuif het scherm tel regels voorwaarts.
[tel] <controle-E>
Schuif het scherm tel regels voorwaarts, de huidige kolom en
regel zo latend als mogelijk.
[tel] <controle-F>
Pagineer tel schermen voorwaarts.
<controle-G>
Toon bestand informatie.
<controle-H>
[tel] h
Verplaats de cursor tel karakters terug op de huidige regel.
[tel] <controle-J>
[tel] <controle-N>
[tel] j
Verplaats de cursor tel regels naar beneden zonder de huidige
kolom te veranderen.
<controle-L>
<controle-R>
Herschilder het scherm.
[tel] <controle-M>
[tel] +
Verplaats de cursor tel regels naar beneden naar het eerste
niet-witruimte karakter op die regel.
[tel] <controle-P>
[tel] k
Verplaats de cursor tel regels omhoog, zonder de huidige kolom
te veranderen.
<controle-T>
Keer terug naar de meest recente ‘tag’ context.
<controle-U>
Schuif het scherm tel regels terugwaarts.
<controle-W>
Schakel één venster naar beneden op het scherm, of naar het
eerste venster als er geen lagere zijn.
<controle-Y>
Schuif het scherm tel regels naar terugwaarts en laat de huidige
regel en kolom gelijk als mogelijk.
<controle-Z>
Zet de huidige tekstverwerkingssessie in de achtergrond.
<escape>
Voer ex opdrachten uit of breek gedeeltelijk ingevoerde
opdrachten af.
<controle-]>
Druk een ‘tag’ verwijzing op de ‘tag’ stapel.
<controle-^>
Schakel naar het meest recent bewerkte bestand.
[tel] <spatie>
[tel] l
Verplaats de cursor tel karakters voorwaarts zonder de huidige
regel te veranderen.
[tel] ! verplaatsing shell-argument(en)
Vervang tekst met de resultaten van een shell opdracht.
[tel] # #|+|-
Verhoog of verlaag het cursor nummer.
[tel] $
Verplaats de cursor naar het einde van een regel.
% Ga naar het overeenkomende karakter.
& Herhaal de eerdere vervangings opdracht op de huidige regel.
<karakter>
<karakter>
Keer terug naar de context gemarkeerd door het karakter <karak‐
ter>.
[tel] (
Ga tel zinnen terug.
[tel] )
Ga tel zinnen voorwaarts.
[tel] ,
Omgekeerd tel keer naar karakter zoeken.
[tel] -
Ga naar het eerste niet-witruimte karakter op de vorige regel,
tel keer.
[tel] .
Herhaal de laatste vi tekst veranderende opdracht.
/RE<regel-overhalen>
/RE/ [verschil]<regel-overhalen>
?RE<regel-overhalen>
?RE? [verschil]<regel-overhalen>
N
n Zoek voorwaarts of terugwaarts naar een reguliere expressie.
0 Ga naar het eerste karakter op de huidige regel.
: Voer een ex opdracht uit.
[tel] ;
herhaal het laatste karakter-zoeken tel keren.
[tel] < verplaatsing
[tel] > verplaatsing
Schuif regels naar links of rechts.
@ buffer-karakter
Voer een benoemde buffer uit.
[tel] A
Ga naar invoer mode, voeg tekst toe na het einde van de regel.
[tel] B
Ga tel grote-woorden terugwaarts.
[buffer-karakter] [tel] C
Kopieer de tekst vanaf de huidige positie tot aan het einde van
de regel naar de buffer buffer-karakter, en start veranderen (in
invoer mode).
[buffer-karakter] D
Schrap de tekst vanaf de huidige positie tot aan einde van de
regel.
[tel] E
Ga tel einde-van-grote-woorden voorwaarts.
[tel] F <karakter>
Zoek in de huidige regel tel keren naar <karakter>.
[regel] G
Ga naar regel tel, of naar de laatste regel van het bestand als
tel niet werd gespecificeerd.
[tel] H
Ga naar scherm-regel tel - 1 regels onder de bovenkant van het
scherm.
[tel] I
Schakel naar invoer mode, tekst invoegend aan het begin van de
regel.
[tel] J
Voeg regels samen.
[tel] L
Ga naar de scherm-regel tel - 1 regels boven de onderkant van
het scherm.
M Ga naar de scherm-regel in het midden van het scherm.
[tel] O
Ga naar invoer mode, voeg tekst toe in een nieuwe regel boven de
huidige.
[buffer-karakter] P
Invoegen van tekst vanuit een buffer.
Q Eindig vi (of visuele) interface en schakel naar ex interface.
[tel] R
Ga naar invoer mode, vervang de karakters in de huidige regel.
[buffer-karakter] [tel] S
Substitueer tel regels.
[tel] T <karakters>
Zoek terugwaarts tel keren door de huidige regel voor het karak‐
ter achter het opgegeven <karakter>.
U Herstel de huidige regel naar de staat waarin hij was vóór de
cursor er zich het laatst naar verplaatste.
[tel] W
Ga voorwaarts tel grote-woorden.
[buffer-karakter] [tel] X
Schrap tel karakters vóór de cursor.
[buffer-karakter] [tel] Y
Kopieer (of ‘‘yank’’) tel regels naar de opgegeven buffer.
ZZ Schrijf het bestand en eindig vi.
[tel] [[
Ga tel sectie grenzen terug.
[tel] ]]
Ga tel sectie grenzen voorwaarts.
^ Ga naar het eerste niet-witruimte karakter op de huidige regel.
[tel] _
Ga tel - 1 regels naar het eerste niet-witruimte karakter.
[tel] a
Schakel naar invoer mode, voeg tekst achter de cursor toe.
[tel] b
Ga tel woorden terugwaarts.
[buffer-karakter] [tel] c verplaatsing
Verander het stuk tekst waar ‘verplaatsing’ overheen zou bewe‐
gen.
[buffer-karakter] [tel] d verplaatsing
Schrap een stuk tekst waar ‘verplaatsing’ overheen zou bewegen.
[tel] e
Ga tel einde-van-woorden voorwaarts.
[tel] f<karakter>
Zoek tel keren voorwaarts in de rest van de huidige regel naar
<karakter>.
[tel] i
Schakel naar invoer mode, tekst invoegend vóór de cursor.
m <karakter>
Bewaar de huidige context (regel en kolom) in <karakter> om
later (o.a.) te gebruiken om naar toe te springen.
[tel] o
Schakel naar invoer mode, voeg tekst toe in een nieuwe regel
onder de huidige regel.
[buffer-karakter] p
Voeg tekst toe vanuit een buffer.
[tel] r <karakter>
Vervang tel karakters door <karakter>.
[buffer-karakter] [tel] s
Substitueer tel karakters op de huidige regel startend met het
huidige karakter.
[tel] t <karakter>
Zoek tel keren voorwaarts in de huidige regel naar het karakter
onmiddellijk vóór het karakter <karakter>.
u Maak de laatste verandering ongedaan.
[tel] w
Ga tel woorden voorwaarts.
[buffer-karakter] [tel] x
Schrap tel karakters.
[buffer-karakter] [tel] y verplaatsing
Kopieer (of ‘‘yank’’) een stuk tekst, opgegeven door de tel en
verplaatsing naar een buffer
[tel1] z [tel2] -|.|+|^|<regel-overhalen>
Herschilder het scherm, optioneel herpositionerend en de grootte
aanpassend.
[tel] {
Ga tel alinea’s terugwaarts.
[tel] |
Ga naar een bepaalde kolom tel op de huidige regel.
[tel] }
Ga tel alinea’s voorwaarts.
[tel] ~
maakt van de volgende tel hoofd-, kleine-letters en van de
kleine-, hoofd-letters, als de ‘tildeop’ optie ongezet is.
[tel] ~ verplaatsing
maakt van de tel en verplaatsing karakters, van hoofd-, kleine-
letters en van kleine-, hoofd-letters, als de ‘tildeop’ optie
gezet is.
[tel] ~ verplaatsing
<interrupt>
Onderbreek de huidige operatie.
De volgende sectie beschrijft de opdrachten die beschikbaar zijn in de
tekst invoer mode van de vi tekstverwerker.
<nul> Geef de vorige invoer nog een keer.
<controle-D>
Wis de vorige shiftwidth kolom grens.
^<controle-D>
Wis alle autoindent karakters, en herzet het autoindent niveau.
0<controle-D>
Wis alle autoindent karakters.
<controle-T>
Voeg voldoende <tabulatie> en <spatie> karakters in om bij de
volgende shiftwidth kolom grens te komen.
<delete>
<controle-H>
Wis het laatste karakter.
<literal next>
Citeer het volgende karakter.
<escape>
Zet alle ingevoerde tekst in het bestand, en keer terug naar
opdracht mode.
<line erase>
Wis de huidige regel.
<controle-W>
<word erase>
Wis het laatste woord. De definitie van ‘woord’ is afhankelijk
van de altwerase en ttywerase opties.
<controle-X>[0-9A-Fa-f]+
Zet een karakter met de opgegeven hexadecimale waarde in de
tekst.
<interrupt>
Interrupt tekst invoer mode, terugkerend naar de opdrachten
mode.
De volgende sectie beschrijft de opdrachten die beschikbaar zijn in de
ex tekstverwerker (interface). In elke onderstaande alinea is de
titel-regel de spelling van de opdracht.
<einde-van-bestand>
Het bestand over het scherm schuiven {scrollen}.
! argument(en)
[interval]! argument(en)
Voer een shell opdracht uit, of filter regels door een shell
opdracht.
" Commentaar {eng: comment}.
[interval] nu[mber] [tel] [vlaggen]
[interval] # [tel] [vlaggen]
Toon de geselecteerde regels, elk voorafgegaan door zijn/haar
regelnummer.
@ buffer
* buffer
Voer een buffer uit.
[regel] a[ppend][!]
{toevoegen} De ingevoerde tekst wordt na de opgegeven regel
toegevoegd.
[interval] c[hange][!] [tel]
{verander} De ingevoerde tekst vervangt de tekst in het inter‐
val.
cs[cope] add | find | help | kill | reset
{c-gebied toevoegen vinden help vermoorden herzetten} Voer een
‘Cscope’ opdracht uit.
[interval] d[elete] [buffer] [tel] [vlaggen]
Schrap de regels uit het bestand.
di[splay] b[uffers] | c[onnections] | s[creens] | t[ags]
{toon buffers verbindingen schermen ‘tags’} Toon buffers,
Cscope-verbindingen, schermen of ‘tags’.
[Ee][dit][!] [+opdr] [bestand]
[Ee]x[!] [+opdr] [bestand]
Bewerk een ander bestand.
exu[sage] [opdracht]
{ex-gebruik} Toon de spelling van een ex opdracht.
f[ile] [bestand]
{bestand ...} Toon, en optioneel verander, de bestandnaam.
[Ff]g [naam]
Alleen in Vi interface. Zet het opgegeven scherm op de voor‐
grond.
[interval] g[lobal] /patroon/ [opdrachten]
[interval] v /patroon/ [opdrachten]
Pas opdrachten toe op regels die het patroon passen (of niet
passen).
he[lp] Toon een help bericht.
[regel] i[nsert][!]
{invoegen} De ingevoerde tekst wordt vóór de opgegeven regel
ingevoegd.
[interval] j[oin][!] [tel] [vlaggen]
{samenvoegen} Voeg regels tekst samen.
[interval] l[ist] [tel] [vlaggen]
{toon} Toon de regels ondubbelzinnig.
map[!] [lhs rhs]
{toetsenbord-kaart} Bepaal of toon toetsenbord-kaart (alleen
voor vi).
[regel] ma[rk] <karakter>
[regel] k <karakter>
{marKeer} Markeer de regel met de markering <karakter>.
[interval] m[ove] regel
{verplaats} Verplaats de opgegeven regels naar onder de
opgegeven doel regel.
mk[exrc][!] bestand
{maak exrc} Schrijf de afkortingen, tekstverwerker opties en
toetsen-kaarten naar het opgegeven bestand.
[Nn][ext][!] [bestand ...]
{volgende} Bewerk het volgende bestand uit de argumenten lijst.
[regel] o[pen] /patroon/ [vlaggen]
{openen} Ga naar openen mode.
pre[serve]
{behouden} Sla het bestand op in een vorm die later hersteld kan
worden met de ex -r optie.
[Pp]rev[ious][!]
{vorige} Bewerk het vorige bestand uit de argumenten lijst.
[interval] p[rint] [tel] [vlaggen]
{afdrukken} Toon de opgegeven regels.
[regel] pu[t] [buffer]
{plaats} Voeg de buffer-inhoud toe aan de huidige regel.
q[uit][!]
{stop} Beëindig de tekstverwerken sessie.
[regel] r[ead][!] [bestand]
{lees} Lees een bestand.
rec[over] bestand
{herstellen} Herstel het bestand als het eerder bewaard was.
res[ize] [+|-]size
{pas grootte aan} Alleen Vi. Vergroot of krimp het huidige
scherm.
rew[ind][!]
{terugdraaien} Draai de argumenten lijst terug.
se[t] [option[=[value]] ...] [nooption ...] [option? ...] [all]
{zet} Toon of zet tekstverwerker opties.
sh[ell]
{shell} Draai een shell programma.
so[urce] bestand
{bron} Lees en voer ex opdrachten uit van een bestand.
[interval] s[ubstituteer] [/patroon/replace/] [opties] [tel] [vlaggen]
[interval] & [opties] [tel] [vlaggen]
[interval] ~ [opties] [tel] [vlaggen]
Maak substituties.
su[spend][!]
st[op][!]
<suspend>
{opschorten} {stop} Schort de tekstverwerkings-sessie op.
[Tt]a[g][!] tagstring
{‘tag’} Bewerk het bestand dat het opgegeven ‘tag’ bevat.
tagn[ext][!]
{‘tag’n} Bewerk het bestand dat de volgende context voor de
huidige ‘tag’ bevat.
tagp[op][!] [bestand | nummer]
{‘tag’ springen} Spring naar de opgegeven ‘tag’ in de ‘tags’
stapel.
tagp[rev][!]
Bewerk het bestand dat de vorige context voor de huidige ‘tag’
bevat.
unm[ap][!] lhs
{‘unmap’} ‘unmap’ een in kaart gebrachte string.
ve[rsion]
{versie} Toon de versie van de ex/vi tekstverwerker.
[regel] vi[sual] [type] [tel] [vlaggen]
{visueel} Alleen Ex. Schakel naar vi.
[Vi]i[sual][!] [+opdr] [bestand]
{visueel} Alleen Vi. Bewerk een nieuw bestand.
viu[sage] [command]
{vi gebruik} Toon gebruik van een vi opdracht.
[interval] w[rite][!] [>>] [bestand]
[interval] w[rite] [!] [bestand]
[interval] wn[!] [>>] [bestand]
[interval] wq[!] [>>] [bestand]
{schrijf} Schrijf een bestand weg.
[interval] x[it][!] [bestand]
Schrijf het bestand weg alsof het werd veranderd.
[interval] ya[nk] [buffer] [tel]
{kopieer} Kopieer de opgegeven regels naar een buffer.
[regel] z [type] [tel] [vlaggen]
Pas het venster aan.
Er is een groot aantal opties die gezet (en ge-on-zet) kunnen worden om
het gedrag van de tekstverwerker te veranderen. Deze sectie beschrijft
de opties, hun afkortingen en hun standaard waardes.
In elke alinea onder is het eerste deel van de titel-regel de volle
naam van de optie, gevolgd door gelijkwaardige afkortingen. Het deel
in rechte haakjes is de standaard waarde voor de optie. De meeste
opties zijn boolean, dat is: ze zijn "aan" of "uit", en hebben geen
bijbehorende waarde.
Opties gaan op voor zowel ex en vi interfaces, tenzij anders opgegeven.
altwerase [uit]
{alt.w.wissen} Alleen Vi. Kies een alternatief woord-wissen
algoritme
autoindent, ai [uit]
{auto inspringen} Spring nieuwe regels automatisch in.
autoprint, ap [uit]
{auto tonen} Alleen Ex. Toon de huidige regel automatisch.
autowrite, aw [uit]
{auto schrijven} Schrijf aangepaste bestanden automatisch weg
bij het wisselen tussen bestanden.
backup [""]
{backup} Backup bestanden voordat ze worden overschreven.
beautify, bf [uit]
{mooimaken} Vernietig controle karakters.
cdpath [omgevingsvariabele CDPATH, of huidige directorie]
Het directorie pad gebruikt voor pad voorvoegsels voor de cd
opdracht.
cedit [geen standaard]
{‘:’ bewerken} Zet het karakter om de dubbele-punt opdracht-
regel-geschiedenis te bewerken.
columns, co [80]
{kolommen} Zet het aantal kolommen op het scherm.
comment [uit]
{commentaar} Alleen Vi. Sla voorafgaand commentaar in shell, C
en C++ broncode bestanden over.
directory, dir [omgevingsvariabele TMPDIR, of /tmp]
{directorie} De directorie waar tijdelijk bestanden worden
gemaakt.
edcompatible, ed [uit]
{ed gelijk} Onthoudt de waardes van de ‘‘c’’ en ‘‘g’’ achter‐
voegsels van de substitute opdrachten, inplaats van ze te ini‐
tialiseren als ongezet voor elke nieuwe opdracht.
errorbells, eb [uit]
{fout bel} Alleen Ex. Kondig foutberichten aan met een bel.
exrc, ex [uit]
{exrc} Lees de opstart bestanden in de huidige directorie.
extended [uit]
{uitgebreid} Reguliere expressies zijn uitgebreide expressies
{eng: extended}, dat is: egrep(1)-stijl).
filec [geen standaard]
{bestand ‘:’} Zet het karakter om bestandnaam-pad completeren op
de dubbele-punt opdrachtregel uit te voeren.
flash [aan]
{knipperen} Knipper het scherm inplaats van het piepen van het
toetsenbord bij een fout.
hardtabs, ht [8]
{harde tabulaties} Zet de ruimte tussen hardware tabulatie
instellingen.
iclower [uit]
{negeer h/k-letters voor k.} Maakt alle Reguliere Expressies
ongevoelig voor het verschil tussen hoofd en kleine letters,
zolang er geen hoofdletters in de zoekstring voorkomen.
ignorecase, ic [uit]
{negeer h/k-letters} Negeer het verschil tussen hoofd- en
kleine-letters in reguliere expressies.
keytime [6]
{toetstijd} De tienden van seconden dat ex/vi wacht voor de vol‐
gende toets om een toets in de toetsen-kaart op te zoeken.
leftright [uit]
{links-rechts} Alleen Vi. Doe links-rechts schuiven van het
scherm
lines, li [24]
{regels} Alleen Vi. Zet het aantal regels voor op het scherm.
lisp [uit]
{‘lisp’} Alleen Vi. Verander verschillende zoekopdrachten en
opties om te werken met Lisp. Deze optie is nog niet geïmple‐
menteerd
list [uit]
{toon} Toon regels op een ondubbelzinnige manier.
lock [aan]
{grendel} Probeer een exclusieve grendel op elk te bewerken
bestand te krijgen, lezen of schrijven.
magic [aan]
{magie} Behandel bepaalde karakters speciaal in reguliere
expressies.
matchtime [7]
{pas tijd} Alleen Vi. De tienden van seconden dat ex/vi
pauzeert om op een overeenkomend karakter te wachten wanneer de
showmatch optie is gezet.
mesg [aan]
{berichten} Laat berichten van andere gebruikers toe.
modelines, modeline [uit]
{mode regels} Lees de eerste en laatste paar regels van elk
bestand voor ex opdrachten Deze optie zal nooit worden geïmple‐
menteerd
noprint [""]
{niet afdrukbaar} Karakters die nooit als afdrukbare karakters
worden behandeld.
number, nu [uit]
{nummer} Laat elke getoonde regel voorafgaan door zijn regelnum‐
mer.
octal [uit]
{octaal} Toon onbekende karakters als octale nummers, inplaats
van de standaard hexadecimale nummers.
open [aan]
{openen} Alleen Ex. Als deze optie niet is gezet zijn de open
en visual opdrachten niet toegestaan.
optimize, opt [aan]
{optimaliseren} Alleen Vi. Optimaliseer tekst doorvoer naar
domme terminals. Deze optie is nog niet geïmplementeerd
paragraphs, para [IPLPPPQPP LIpplpipbp]
{alinea’s} Alleen Vi. Definieer extra alinea grenzen voor de {
en } opdrachten
path []
{pad} Definieer extra directories om te doorzoeken voor
bestanden die bewerkt worden.
print [""]
{afdrukbaar} Karakters die altijd als afdrukbare karakters wor‐
den behandeld.
prompt [aan]
{prompt} Alleen Ex. Geef een opdracht prompt weer.
readonly, ro [uit]
{alleen-lezen} Markeer het bestand en de sessie als alleen-
lezen.
recdir [/var/tmp/vi.recover]
{herstel dir} De directorie waar herstel-bestanden worden opges‐
lagen.
redraw, re [uit]
{herschilder} Alleen Vi. Simuleer een intelligente terminal op
een domme. Deze optie is nog niet geïmplementeerd
remap [aan]
{her-inkaartbrengen} Her-cartograferen toetsen tot opgelost.
report [5]
{rapporteer} Zet het aantal regels waarover de tekstverwerker
veranderingen of ‘yanks’ rapporteert.
ruler [uit]
{heerser} Alleen Vi. Geef een regel/kolom heerser op de
dubbele-punt opdracht regel.
scroll, scr [window / 2]
{schuiven} Zet het aantal te schuiven regels.
searchincr [uit]
{zoek optellend} Maak de / en ? opdrachten optellend {eng:
‘incremental’}.
sections, sect [NHSHH HUnhsh]
{secties} Alleen Vi. Definieer extra sectie grenzen voor de [[
en ]] opdrachten.
secure [uit]
Zet alle toegang tot externe programma’s uit.
shell, sh [environment variabele SHELL, of /bin/sh]
{shell} Kies de shell die gebruikt wordt door een tekstverw‐
erker.
shellmeta [~{[*?$ "\]
{shell meta} Zet de ‘meta’ karakters waarop getest wordt om te
zien of bestandnaam-expandering nodig is.
shiftwidth, sw [8]
{schuif breedte} Zet de autoindent en shift opdracht inspring
breedte.
showmatch, sm [uit]
{toon overeenkomst} Alleen Vi. Bemerk overeenkomende ‘‘{’’ en
‘‘(’’ voor ‘‘}’’ en ‘‘)’’ karakters.
showmode, smd [uit]
{toon mode} Alleen Vi. Toon de huidige mode van de tekstverw‐
erker en een ‘‘modified’’ {nl: aangepast} vlag.
sidescroll [16]
{zijwaarts schuiven} Alleen Vi. Zet de hoeveelheid dat een
links-rechts schuiven-van-het-scherm zal schuiven.
slowopen, slow [uit]
{langzaam openen} Vertraag het bijwerken van tekst tijdens tekst
invoer. Deze optie is nog niet geïmplementeerd
sourceany [uit]
{bron elke} Lees opstartbestanden die niet het eigendom de
huidige gebruiker zijn. Deze optie is nog niet geïmplementeerd
tabstop, ts [8]
{tabulatie stop} Deze optie zet tabulatie breedte voor de tek‐
stverwerker weergave.
taglength, tl [0]
{‘tag’ lengte} Zet het aantal significante karakters in een
‘tag’ naam.
tags, tag [tags /var/db/libc.tags /sys/kern/tags]
{‘tags’} Zet de ‘tags’ bestanden lijst.
term, ttytype, tty [omgevingsvariabele TERM]
{terminal} Zet de terminal soort.
terse [uit]
{kortaf} Deze optie maakte vroeger de tekstverwerker-berichten
minder langdradig. Het heeft geen invloed binnen deze implemen‐
tatie.
tildeop [uit]
{tilde optie} Pas de ~ opdracht aan om een bijbehorende ver‐
plaatsing als argument te nemen.
timeout, to [aan]
{pauze} Pauzeer voor toetsen die in kaart gebracht kunnen wor‐
den.
ttywerase [uit]
{tty wissen} Alleen Vi. Kies een alternatief wis algoritme.
verbose [uit]
{praatgraag} Alleen Vi. Toon een fout-melding voor elke fout.
w300 [geen standaardwaarde]
{w300} Alleen Vi. Zet de venster grootte als de verbinding-
snelheid minder dan 1200 baud is.
w1200 [geen standaardwaarde]
{w1200} Alleen Vi. Zet de venster grootte als de verbinding-
snelheid gelijk is aan 1200 baud.
w9600 [geen standaardwaarde]
{w9600} Alleen Vi. Zet de venster grootte als de verbinding-
snelheid groter is dan 1200 baud.
warn [aan]
{waarschuw} Alleen Ex. Deze optie zorgt voor een waarschuwing
naar de terminal als het bestand werd veranderd sinds het de
laatste keer werd weggeschreven vóór een ! opdracht.
window, w, wi [omgevingsvariabele REGELS]
{venster} Zet de grootte voor het scherm.
windowname [uit]
{venster naam} Verander de icoon/venster naam naar het huidige
bestand, zelfs als het niet herstelt kan worden bij afsluiten
van de tekstverwerker.
wraplen, wl [0]
{omvouw-lengte} Alleen Vi. Breek regels automatisch af na het
opgegeven aantal kolommen vanaf de linker marge. Als de wraplen
en wrapmargin opties allebei gezet zijn, dan wordt de wrapmargin
waarde gebruikt.
wrapmargin, wm [0]
{omvouw-marge} Alleen Vi. Breek regels automatisch af na het
opgegeven aantal kolommen van de rechter marge. Als de wraplen
en wrapmargin opties allebei gezet zijn, dan wordt de wrapmargin
waarde gebruikt.
wrapscan, ws [aan]
{omvouwen zoeken} Zet dat zoeken aan het einde van het bestand
naar het begin omvouwt en andersom.
writeany, wa [uit]
{schrijf altijd} Zet bestand-overschrijven-testen uit.
OMGEVINGSVARIABELEN
COLUMNS
{kolommen} Het aantal kolommen op het scherm. Deze waarde zet
mogelijke systeem- of terminal-specifieke waardes opzij. Als de
COLUMNS omgevingsvariabele niet is gezet als ex/vi draait, of de
columns optie is expliciet herzet door de gebruiker, dan zet
ex/vi de waarde in de omgeving.
EXINIT {ex init} Een lijst met ex opstart opdrachten, lees als de vari‐
abele NEXINIT niet is gezet.
HOME {thuis} De thuis directorie, gebruikt als het initiële directo‐
rie-pad naar de opstartbestanden ‘‘$HOME/.nexrc’’ en
‘‘$HOME/.exrc’’ bestanden. Deze waarde wordt ook gebruikt als
de standaard directorie voor de vi cd opdracht.
LINES {regels} Het aantal regels op het scherm. Deze waarde heeft
voorrang boven mogelijke systeem- of terminal-specifieke
waardes. Als de LINES omgevingsvariabele niet is gezet als ex/vi
draait, of de lines optie is expliciet herzet door de gebruiker,
dan zet ex/vi de waarde in de omgeving.
NEXINIT
{ex init} Een lijst met ex opstart opdrachten.
SHELL {shell} De gebruikers’ voorkeur shell (zie ook de shell optie).
TERM {terminal} De gebruikers’ terminal soort. De standaard soort is
‘‘unknown’’ {onbekend}. Als de TERM omgevingsvariabele niet is
gezet als ex/vi draait, of de term optie is expliciet herzet
door de gebruiker, dan zet ex/vi de waarde in de omgeving.
TMPDIR {tijdelijke dir} De locatie om tijdelijke bestanden in op te
slaan (zie ook de directory optie).
SIGALRM
{alarm} Vi/ex Gebruikt dit signaal voor periodieke backups van
bestand aanpassingen en om ‘‘busy’’ {bezig} berichten weer te
geven wanneer operaties waarschijnlijk een lange tijd nodig
hebben.
SIGHUP {ophangen}
SIGTERM
{eindig} Als de huidige buffer veranderd werd sinds het voor het
laatst werd weggeschreven in zijn geheel, dan probeert de tek‐
stverwerker om het aangepaste bestand te bewaren zodat het later
hersteld kan worden. Zie de vi/ex "Reference manual" sectie
getiteld ‘‘Recovery’’ voor meer informatie.
SIGINT {onderbreek} Wanneer een onderbreking optreedt, wordt de huidige
operatie gestopt en de tekstverwerker keert terug naar de
opdracht mode. Als onderbroken tijdens tekstinvoer wordt de al
ingevoerde tekst in het bestand gezet alsof de tekstinvoer nor‐
maal eindigde.
SIGWINCH
{venster verandering} Het scherm wordt van grootte veranderd.
Zie de vi/ex "Reference manual" sectie getiteld ‘‘Sizing the
Screen’’ voor meer informatie.
SIGCONT
{doorgaan}
SIGQUIT
{stop}
SIGTSTP
{?} Vi/ex negeert deze signalen.
BESTANDEN
/bin/sh
De standaard gebruiker shell.
/etc/vi.exrc
Systeem-wijd vi opstart bestand.
/tmp Tijdelijke bestanden directorie.
/var/tmp/vi.recover
De standaard herstel bestanden directorie
$HOME/.nexrc
Éérste keuze voor het gebruikers’ thuis directorie opstart
bestand.
$HOME/.exrc
Tweede keuze voor het gebruikers’ thuis directorie opstart
bestand.
.nexrc Éérste keuze voor het locale directorie opstart bestand.
.exrc Tweede keuze voor het locale directorie opstart bestand.
ctags(1), more(3), curses(3), dbopen(3)
De ‘‘Vi Quick Reference’’ kaart.
‘‘An Introduction to Display Editing with Vi’’, te vinden in de ‘‘UNIX
User’s Manual Supplementary Documents’’ sectie van de 4.3BSD en 4.4BSD
handleiding sets. Dit beschikbare document komt momenteel het dichtste
bij een introductie in de vi scherm tekstverwerker
‘‘Ex Reference Manual (Version 3.7)’’, te vinden in de ‘‘UNIX User’s
Manual Supplementary Documents’’ sectie van de 4.3BSD en 4.4BSD han‐
dleiding sets. Dit document is de uiteindelijke referentie voor de ex
tekstverwerker, zoals gedistribueerd in meeste historische 4BSD en Sys‐
tem V systemen.
‘‘Edit: A tutorial’’, te vinden in de ‘‘UNIX User’s Manual Supplemen‐
tary Documents’’ sectie van de 4.3BSD handleiding set. Dit document is
een introductie in een simpele versie van de ex scherm tekstverwerker.
‘‘Ex/Vi Reference Manual’’, te vinden in de ‘‘UNIX User’s Manual Sup‐
plementary Documents’’ sectie van de 4.4BSD handleiding sets. Dit doc‐
ument is de uiteindelijke referentie voor de nex/nvi tekstverwerkers,
zoals gedistribueerd in 4.4BSD en 4.4BSD-Lite.
Roff bronnen voor al deze documenten wordt gedistribueerd met nex/nvi
in de nvi/USD.doc directorie van de nex/nvi broncode.
De bestanden ‘‘autowrite’’, ‘‘input’’, ‘‘quoting’’ en ‘‘structures’’ in
de nvi/docs/internals directorie van de nex/nvi broncode.
GESCHIEDENIS
De nex/nvi vervangingen voor de ex/vi tekstverwerker verschenen voor
het eerst in 4.4BSD.
STANDAARDEN
nex/nvi Zit dichtbij de IEEE Std1003.2 (‘‘POSIX’’). Dat document ver‐
schilt van de historische ex/vi praktijk op meerdere plaatsen; er
moeten veranderingen aan beide kanten gemaakt worden.
VERTALING
Dit is de handleiding van nvi/nex 1.79. Bijna alles wat tussen
‘{’..‘}’ staat is aanvullende vertaling, en hoort niet bij de originele
handleiding. Alleen waar het om de opdrachten { en } gaat niet, dit
blijkt (hopenlijk) uit de context. Email naar <manpages-
nl@nl.linux.org>.
Opmerking: sinds deze handleiding werd geschreven zijn er vele intro‐
ducties en handleidingen voor (verschillende implementaties van) vi
verschenen.
$Id: nvi.1,v 1.1.1.1 2004/03/21 21:02:25 cor Exp $