Provided by: manpages-nl_20051127-4_all
 

NAAM

        close - sluit een bestandindicator
 

OVERZICHT

        #include <unistd.h>
 
        int close(int bi);
 

BESCHRIJVING

        close  Sluit  een  bestandindicator,  zodat  het  niet  langer naar een
        bestand wijst en hergebruikt kan worden. Eventuele sloten {eng:  locks}
        op  het bestand die het eigendom waren van het proces worden verwijderd
        (onafhankelijk van de bestandindicator die gebruikt werd om het slot te
        krijgen).
 
        Als  bi  de  laatste dubbelganger van een bepaalde bestandindicator is,
        worden  de  systeem-middelen  die  erbij  horen  vrijgemaakt;  als   de
        bestandindicator  de laatste verwijzing was naar een bestand dat verwi‐
        jderd werd met unlink(2) dan wordt het bestand geschrapt.
        close Geeft nul bij slagen, of -1 als een fout optrad.
 

FOUTEN

        EBADF  {slecht bestand} bi is geen geldige open bestandindicator.
        SVr4, SVID, POSIX, X/OPEN, BSD 4.3.  SVr4 beschrijft een extra  ENOLINK
        fouttoestand.
 

OPMERKINGEN

        Het   niet  controleren  van  de  eindwaarde  van  close  is  een  veel
        voorkomende -maar desondanks ernstige- programmeerfout. Bestandssysteem
        uitvoeringen  die  technieken als ‘write-behind’ {nl: schrijven nadien}
        gebruiken om prestaties te verbeteren, kunnen veroorzaken dat  write(2)
        slaagt, alhoewel de gegevens nog niet weggeschreven zijn. De foutstatus
        zou gegeven kunnen worden bij een latere  write  operatie,  maar  wordt
        gegarandeerd  teruggegeven  bij  het  sluiten van het bestand. Het niet
        controleren van de terugkeer-waarde tijdens het sluiten van een bestand
        kan  leiden  tot  het  stilzwijgend  verdwijnen van gegevens. Dit wordt
        vooral veel waargenomen bij NFS, en met schijf quota.
 
        Een succesvolle close garandeert niet dat de  gegevens  succesvol  zijn
        bewaard  op schijf doordat de kernel schrijven achterhoudt. Het is niet
        normaal voor een bestandssysteem om de buffers te spoelen als de stroom
        wordt  gesloten.  Als  u zeker moet zijn dat de gegevens fysiek bewaard
        zijn, gebruik dan fsync(2) of sync(2).  Deze kunnen u dichter  bij  dat
        doel brengen (het hangt nu verder van de schijfhardware af.)
 

ZIE

        open(2)  {openen},  fcntl(2) {bestandindicator manipuleren} shutdown(2)
        {uitdoen}, unlink(2) {losmaken}, fclose(3) {sluit}
 

VERTALING

        Dit is  een  handleiding  uit  manpages-dev  1.34.   Alles  wat  tussen
        ‘{’..‘}’ staat is aanvullende vertaling, en hoort niet bij de originele
        handleiding.  Email naar <manpages-nl@nl.linux.org>.
 
        $Id: close.2,v 1.1.1.1 2004/03/21 21:02:25 cor Exp $
 
                                 April 14, 1996                        CLOSE(2)