Provided by: manpages-nl_20051127-4_all
 

NAAM

        mknod - maak een directorie, een speciaal- of een normaal bestand.
 

OVERZICHT

        #include <sys/types.h>
        #include <sys/stat.h>
        #include <fcntl.h>
        #include <unistd.h>
 
        int mknod(const char *padnaam",mode_t toestand ,dev_t app );
 

BESCHRIJVING

        mknod probeert een bestandsysteem node te maken (bestand, apparaat spe‐
        ciaal bestand of een benoemde pijp) met de naam padnaam,  bepaald  door
        toestand en app.
 
        toestand  bepaald  de  toestemmingen die zullen worden gebruikt, en het
        soort node dat gemaakt zal worden.
 
        Dat hoort een samenvoeging (met bitsgewijs OF (incl.)) van een  van  de
        bestand soorten onder genoemd, en de toestemmingen voor de nieuwe node,
        te zijn.
 
        De toestemmingen worden aangepast door het umask van het proces  op  de
        bekende  manier: de toestemmingen van de gemaakte node worden (toestem     
        mingen & ~umask).
 
        De bestand  soort  zou  een  van  S_IFREG{*normaal},  S_IFCHR{*letter},
        S_IFBLK{*blok}  en  S_IFIFO  moeten  zijn  om:  een  normaal bestand te
        omschrijven (dat leeg opgeleverd wordt), een karakter speciaal bestand,
        een  blok  speciaal  bestand,  of  een  FIFO  (pijp  met naam), respec‐
        tievelijk, of nul, wat een normaal bestand maakt.
 
        Als het bestand soort S_IFCHR of S_IFBLK is, dan bepaald app  de  grote
        en  de kleine nummers van het nieuw gemaakte apparaat speciale bestand;
        anders wordt het genegeerd.
 
        De nieuw gemaakte node zal eigendom zijn van het geldige  uid  van  het
        proces.  Als  de  directorie  waar  de node in zit het groep id-bit aan
        heeft staan of als het bestandsysteem mount is met  BSD  groep  regels,
        dan  zal  de  nieuwe  node het groep eigendom van zijn ouder-directorie
        erven; anders zal het eigendom zijn van het geldende gid van  het  pro‐
        ces.
        mknod  geeft  nul  terug bij slagen, of -1 als een fout optrad (en welk
        geval errno naar behoren wordt gezet).
 

FOUTEN

        EPERM  {toestemming} toestand vroeg om het maken van  iets  anders  dan
               een  FIFO  (pijp  met naam), en de aanroeper is niet de superge‐
               bruiker; wordt ook teruggegeven als het bestandsysteem waar pad‐
               naam op zit, het soort node niet ondersteund.
 
        EINVAL {ongeldig}  toestand  vroeg om het maken van iets anders dan een
               normaal bestand, apparaat speciaal bestand, of FIFO.
 
        EEXIST {bestaat} padnaam bestaat al.
 
        EFAULT {fout} padnaam wijst buiten door u toegankelijke adres ruimte.
 
        EACCES {toegang} De ouder-directorie status  schrijf  toestemming  niet
               toe  aan  het  proces, of een van de directories in padnaam liet
               zoek (uitvoer) toestemming niet toe.
 
        ENAMETOOLONG
               {naam te lang} padnaam was te lang.
 
        ENOENT {geen ingang} Een directorie deel van padnaam bestaat niet of is
               een loshangende symbolische koppeling.
 
        ENOTDIR
               {geen dir} Een deel gebruikt als dir in padnaam is in feite geen
               dir.
 
        ENOMEM {geen geheugen} Onvoldoende besturingssysteem geheugen  voorhan‐
               den.
 
        EROFS  {alleen-lezen  b.s.}  padnaam  wijst  naar  een  bestand  op een
               alleen-lezen bestandsysteem.
 
        ELOOP  {cirkel} Teveel symbolische koppelingen werden tegengekomen  bij
               het "oplossen" van padnaam.
 
        ENOSPC {geen ruimte} Het apparaat waar padnaam op zit heeft geen ruimte
               voor een nieuwe node.
        SVr4 (maar de aanroep vereist privilege en is daardoor niet in  POSIX),
        4.4BSD.   De  Linux versie verschilt van de SVr4 versie in dat het niet
        nodig is om "root" {-} toestemming te hebben om pijpen te maken, en ook
        in dat de EMULTIHOP, ENOLINK, en EINTR fout beschreven is.
 

BUGS

        De  mknod  aanroep  kan  niet  gebruikt worden om directories of socket
        (eng: sockets) bestanden te maken, en kan niet worden gebruikt om  nor‐
        male bestanden te maken door gebruikers anders dan de supergebruiker.
 
        Er  zijn  vele ongelukkigheden in het protocol waar NFS op stoelt. Som‐
        mige hiervan beïnvloeden mknod nadelig.
 

ZIE

        read(2)  {lees},  write(2)   {schrijf},   fcntl(2)   {manipuleer   bi},
        close(2){sluit}, unlink(2) {maak-los}, open(2) {openen}, mkdir(2) {maak
        dir}, stat(2) {staat}, umask(2){gebruikersstempel},  mount(2)  {mount},
        socket(2), fopen(3) {openen}.
 

VERTALING

        Dit  is  een  handleiding  uit  manpages-dev  1.29.   Alles  wat tussen
        ‘{’..‘}’ staat is aanvullende vertaling, en hoort niet bij de originele
        handleiding.  Email naar <manpages-nl@nl.linux.org>.
 
        $Id: mknod.2,v 1.1.1.1 2004/03/21 21:02:25 cor Exp $